Pagina's

donderdag 22 juli 2010

Straffe madammen.

Af en toe roem ik girlpower, straffe dames, madammen die iets te vertellen hebben, meisjes met pit. 'k Ben dan ook blij dat de eerste 2 cursussen die vast liggen voor het najaar, begin volgend schooljaar dus, door dames worden gegeven.
Christien Dutoit is bereid gevonden opnieuw te tonen hoe zij klei verwerkt. Ze plooit lapjes als ware het stof met mooie prints om een strak en evenwichtig opgebouwd model. We hebben ervoor gekozen de nadruk niet te leggen op de haar zo typische ranke menselijke figuren, maar wel in te gaan op de rol van het dier in haar beelden.

Steeds vaker betrekt zij zelf een paard of een stier in haar onderwerp. Het is een unieke kans om haar techniek aan te leren! Kies zelf een dier uit en zet het krachtig en boeiend neer met de hulp van Christien. Haar lessen zijn leerrijk in een aangename, ontspannen sfeer, lees in het verslag van de voorgaande reeks...
Niet vergeten op tijd in te schrijven, september is er voor je het goed en wel beseft... Alle info vind je hier.

De tweede workshop is een weekend lang genieten van de kennis van Alison Graham. Deze Engelse werkt met papierporselein dat ze zelf maakt. Graag toont ze wat ze creëert tijdens de inleidende avond. Daarna kan je zelf papierporselein maken waarna je met je materiaal aan de slag gaat om een muurdecoratie te maken. Alison Graham maakt ook "vessels", kopjes zoals ik het wel eens noemde in een ouder artikeltje, maar tijdens de workshop gaan we abstract werken, de illusie van diepte en visuele beweging in het porseleinen oppervlak zoeken...

Het resultaat is een keramisch schilderij, gekleurd met de haar zo eigen techniek van glazuren en met oxides werken. Sgrafitto en andere oppervlaktebewerkingen geven het geheel een autenthieke, verweerde indruk.



Alle practische info lees je in de beschrijving. De workshop is voorzien voor eind oktober.

De Koploper voorziet actie na de vakantie!

dinsdag 6 juli 2010

Lanceerwerk.

Er zal wel een gezegde zijn dat ongeveer zo klinkt: "Als je aan een boom schudt, valt er altijd wel iets uit", zij het niet in het Nederlands dan vast en zeker in een andere taal. Stilaan duiken er nieuwe, jonge gezegden op, met termen die hun oorsprong vinden in de hedendaagse technologiën. Ik stel voor: "Als je je waagt aan een blog, moet je niet alleen altijd iets hebben om over te schrijven, maar heb je ook meestal iets om over te praten", waarbij dat laatste deel met opzet dubbel, zoniet tripel, klinkt.
Gezegden hebben natuurlijk tijd nodig om er één te worden, maar wat lanceerwerk kan altijd helpen.
En of dit nu een gezegde zal worden of niet, houdt mij eigenlijk helemaal niet bezig. Feit is dat ik een trouwe achterban van lezers heb, waarvan ik er een aantal persoonlijk ken en als ik hen tegenkom, is er inderdaad wel vaker een gespreksonderwerp dat aanleunt bij een of ander thema op de blog.
Melanie Brown met haar theepotten uit voorgaand artikel is er meteen een voorbeeld van. Ik merk dat ik niet genoeg afbeeldingen heb bovengehaald, dat er vooral nog veel gepalaverd wordt over de mogelijke functionaliteit van haar recipiënten en het waarom van bijvoorbeeld het uitvergroten van het bodemgedeelte.

Lieve mensen, haar recente werk bewijst dat de dame iets anders met haar theepotten wil doen dan ze vol te gieten en je te bedienen. Zou ik zo denken.

Zelf zegt Melanie Brown over haar werk:
"I believe it is important that the integrity of function and craftsmanship should be complemented by aesthetic considerations; consequently the ergonomics of each piece is potentially part of its beauty."
Vertaald:
"Ik geloof dat het belangrijk is dat de integriteit van functie en vakmanschap aangevuld moet zijn door esthetische overwegingen, waaruit volgt dat de ergonomie van ieder stuk mogelijk deel uitmaakt van zijn schoonheid."

Ik begrijp hieruit dat ze zeker rekening houdt met de ergonomie van haar theepot, maar dan niet ten dienste van de functionaliteit, maar als waardevol element in de schoonheid van het geheel. M.a.w. hij zou je thee kunnen bedelen... Het blijft een theepot. Zo legt ze de link tussen gebruiksgoed en pure schoonheid. De schoonheid van het gebruiksgoed?

Wat mij echter veel meer roert dan het al dan niet thee schenken met zo'n meesterwerk, is het waarom? Waarom heeft ze afdraairesten geglazuurd? Waarom wordt die inperfectie naast het perfecte eindwerk opgesteld? En waarom zijn ze dan ook gebakken en geglazuurd? Wat is hier het statement?

Ik kijk al uit naar een volgende ontmoeting met een fervente lezer, al dan niet via elektronische weg. Me dunkt dat ik behoorlijk aan bomen heb geschud en het nodige lanceerwerk heb verricht!

zaterdag 3 juli 2010

Functionaliteit.

In het domein van de pottenbakkers, de keramisten aan de schijf kunnen we zo stellen, lopen bijzonder veel lieden rond die functioneel werk maken. Eigenlijk vertrekt alles wat zij maken vanuit een utilitaire basis: het recipiënt.
Een reden waarom het werk van de pottenbakker zo wijfelend tot het domein van "de kunst" wordt toegelaten. Stil en luid protest toegelaten, het levert mooie en vindingrijke resultaten op. Neem nu het typerende werk van Tjok Dessauvage, de potstructuur, het zou een boegbeeld kunnen zijn: een pot die geen recipiënt meer is, gesloten en drager van een geometrisch verhaal. (Of hij daar zelf precies die boodschap mee wil ondersteunen, weet ik niet.)


En ander leuk idee zag ik eens in een Griekse souveniershop: de Pythagorasbeker. Centraal in de beker staat een hevel en als je hem te vol giet, loopt hij vanzelf leeg. Op keramiekmarkten kwam ik ook wel eens dezelfde ideeën in een andere uitvoering tegen. Je kan het zien als spotten met de functionaliteit. Alleen zou Pythagoras zelf er de gulzigheid van sommige mensen mee hebben willen bestraffen...

Anderzijds is juist het optimaal beantwoorden aan de vereisten van de functonaliteit een grote verdienste van de ontwerper, de maker.
En voor de kunstenaar, dan?
De fylosofie van het goochelen met termen en de onmacht van de schikker-in-vakjes...

Het opleggen van vereisten, verscherpt de vindingrijkheid. Beperkingen dagen uit tot ultieme creativiteit.
Maar soms is het gewoon leuk, even niet het meest stabiele voetje onder je pot laten staan, maar gewoon wat spelen met de wetten van de zwaartekracht en elegant wezen op een naaldhakje.

Melanie Brown maakt hele mooie theepotten. Nu ook in reeksen. Reeksen naar vorm, glazuurkeuze en bak.


Omdat ik zelf ook wel eens speel met de hoogte van het dekseltje, spreken haar theepotten me heel erg aan. De idee om ze zo in reeksen voor te stellen, verheft de theepot volledig uit zijn utilitaire dwangbuis. Ik had het wel al eens zien doen met vazen, kommen, bekers en flesvormen, maar zo expliciet met prachtige theepotten, is nieuw voor mij en stemt me heel vrolijk!
Mijn excuses aan mijn professor ergonomie in een ver verleden...
Moet kunnen.

donderdag 24 juni 2010

Tijd voor verandering!

Af en toe moet je een beslissing nemen. Niet meteen mijn sterkste kant als er veel opties zijn en alle hun voor- en nadelen hebben. Als er dan nog niet meteen één voordeel doorslaggevend blijkt, dan is het hek helemaal van de dam...
Maar ik heb er toch voor gekozen deze blog in een nieuw kleedje te steken. Ik vind dat het frisser en moderner oogt.
Graag luister ik naar jullie oordeel, laat maar horen...

't Zit in de familie...

Wordt zeker vervolgd, je voelt al meteen aan dat ik met een groot ei zit...
Als ik werk tegen kom dat me even doet stil staan of stil worden, ga ik daarna uitgebreid op zoek. Geoffrey Swindell werd ingetypt en ik ontdekte dat er blijkbaar ook iets over hem op Youtube stond. Mijn nieuwsgierigheid werd rijkelijk beloond. Zoon Tom Swindell is een cameraman en regisseur die freelance werkt voor de BBC. Als je op zijn site gaat kan je een "showreel" van de door hem gemaakte docu's zien, op zich al heel erg de moeite.
Maar op Youtube staat een reeks van 5 filmpjes, het ene wat langer dan het andere, die als onderwerp vader Geoffrey en zijn keramiek hebben. Ik ga ze overlopen en voorstellen...

In Earthen part 1 schildert Tom het portret van zijn pa, waarbij de vader zelf zijn verhaal vertelt, duidelijk trots op het feit dat zijn zoon "kunst maakt van zijn kunst", zoals hij het zelf verwoordt. De combinatie van goed gekozen muziek bij de prachtige beelden, zorgen voor een bij wijle zeer intieme beleving van het draaien van porselein, het afdraaiwerk, het decoreren en glazuren, de visie van Geoffrey Swindell op zijn werk. Het hele verhaal van vorig artikeltje wordt geïllustreerd, een keramisch gedicht, 8 minuten lang.





Earthen part 2 brengt opnieuw met de choreografie van begeleidende muziek en kunstige beelden een visualisering van de visie van pa Swindell, waarin hij wat in de oven gebeurt vergelijkt met de krachten die in het heelal aan het werk zijn, de big bang en tollende planeten.
Drie minuten puur genieten.





Earthen part 3 is een speels stukje beeldtechniek, waarbij als commentaar van Tom staat dat hij het jammer vindt dat hij alles heeft moeten opsplitsen om op Youtube te zetten...





In Earthen Part 4 gaan de werkjes van pa op reis op de stroming van een riviertje en wordt heel duidelijk hoe de vorm en afwerking hun oorsprong vonden in de natuur. Zeer rustgevend en inspirerend.





Earthen part 5 sluit de reeks heel mooi af in het Westafrikaanse Mali. Tom maakt een docu in dat land en als dank voor wat hij bij de mensen vindt, brengt hij een keramisch werkje mee dat hij samen met zijn pa uitzocht. Het dekseltje refereert naar de islamistische bouwwerken in het land en de afwerking van het vaasje zou een meanderende rivier kunnen zijn... Weerom brengt de muziek veel bij aan de sfeer van het filmpje. Het volk van het pottenbakkersdorp komt heel mooi in beeld, ontroerend echt en eerlijk.





Creativiteit, nederige liefde voor de natuur en de mens, het zit blijkbaar in de familie...

dinsdag 22 juni 2010

Inspiratie.


Vorig artikeltje ging o.a. over inspiratie, over de natuur als bron van zowel onderwerp als materiaal en over hoe kunstenaars en ambachtslui in de Jugendstil daar dankbaar gebruik van maakten. Soms kom ik wel eens keramiek tegen die even sierlijk opgaat in zijn omgeving, die respons geeft aan structuren, kleuren, natuur en architectuur. Een mens haalt zijn inspiratie ergens, bewust of onbewuste en het visuele is een belangrijke bron van indrukken.
Eigenlijk kwamen vorige bedenkingen tot stand na het bezoeken van Facebook. Er zijn daar kringen van keramisten die elkaar ontmoeten op de electronische paden. Zo kwam ik bij Geoffrey Swindell terecht. Een Engels keramist wiens werk me deed denken aan pâte de verre.

Hij draait subtiele vormen in porselein en gaat ze dan oxiderend stoken op 1260°C. Maar voor ze in de oven gaan om het vuur zijn fixerend werk te laten doen, bereidt de man de huid van zijn kleinood voor op een heel eigen manier. Om een stabiele vorm te hebben wordt het kleine vormpje relatief dik gedraaid om zonder vervorming van de schijf te kunnen halen. In een later stadium wordt het behoorlijk afgedraaid en opnieuw vochtig gemaakt met een brede borstel. Dan vervormt hij de opening van het vaasje of het vaasje zelf in de laatste fase van het draaiwerk.


Het porseleinen oppervlak wordt bewerkt om textuur te tonen. Daarna brengt hij al een laagje vanadiumoxide aan op de potjes die met lusters gedecoreerd zullen worden.
Andere modelletjes krijgen structuur met scherpe voorwerpen en borstels. Na gecontroleerde droging worden ze biscuit gestookt. Om spanningen te voorkomen, wordt met een engobepeer de (niet zichtbare) binnenzijde van het vaasje geglazuurd en wordt het in een oven gedroogd op 1000°C. Op vaasjes met een uitgesproken textuur wordt eerst vanadium ingewreven om er daarna fijne laagjes rutiel, chroom, koperoxide en ten slotte een of meerdere laagjes glazuur op te spuiten.
Het zeer giftige vanadium (zou longkanker kunnen veroorzaken en is moeilijk te stabiliseren in glazuren, zodat het zeker nooit voor gebruiksgoed gebruikt mag worden!) heeft een heel eigen effect op de glazuren. Op hoge temperatuur onderbreekt het de smeltcurve van het glazuur en het gaat de kleuren en oppervlaktestructuur "aantasten".

De man heeft ook een eigen manier om met lusters te werken. Normaal gezien brengen metaallusters glans aan op het oppervlak en worden deze gestookt op 750°C als opglazuur. Door echter detergent, parafine en/of cellulose thinners op de luster te druppelen, breekt de oppervlaktespanning en verkrijgt hij een streperig effect.


Na het glazuurstoken wordt alle mogelijke glans nog eens weg geschuurd en met een laagje was werkt hij zijn kleinoden af.

Hoewel de werkwijze zeker niet aan mij besteed is, vind ik het resultaat ongelooflijk mooi, robuust en tegelijk teer met zeer duidelijk de natuur als inspiratie.
Wordt zeker vervolgd...

maandag 21 juni 2010

Pâte de verre.

Het zal hier of daar wel al eens ter sprake gekomen zijn, ik kan bewegingen als de Jugendstil, Art Nouveau, wel appreciëren. Okee, er zijn uitwassen die neigen naar barok en kitch, maar er zijn minstens evenveel voorbeelden waar harmonie en vakmanschap je gewoon de mond snoeren: meesterschap! Men deed dingen in hout, metaal, glas, en ook met keramiek en glazuur, waar je gewoon even stil van wordt... Interieurs waar je lichaam in het decor versmelt. Die sensualiteit, mooie vloeiende lijnen die je vragen te volgen, waar je ook kijkt...
Art Nouveau heeft iets van ballet, van op je tenen staan. ('t Geeft soms trouwens een heerlijk gevoel, op je tenen staan.)
In de periode van de Jugendstil kende pâte de verre een grote bloei als kunstvorm. Bij deze techniek, die trouwens heel oud is, maakt men een vuurvaste mal waarin dan zeer fijne glaskorrels met een bindmiddel worden opgewarmd om samen te smelten. Het centrum lag in de school van Nancy, met bedrijven als Daum en Gallé. De ontwerpen droegen vaak een ode aan de sierlijke natuur in zich.

Glas smelten, het ligt zo'n beetje in het domein van glazuren, zelfde basis, zelfde idee. In het onderstaande filmpje krijg je een mooi beeld van hoe het allemaal in zijn werk gaat.



Het hoofdbestanddeel van glas is siliciumdioxide, een van de meest voorkomende mineralen op de aardkorst. Ook bij het glazuren ga je er gebruik van maken. Glas en glazuur zijn familie van elkaar. Soms raakt het visuele aspect van de suikerachtige textuur van de pâte de verre zeer dicht aan wat sommige glazuren op porselein doen. Het doorschijnende karakter van porselein, dat trouwens zelf ook voor zo ongeveer een kwart uit kwarts bestaat, zal wel aan de basis van deze gelijkenis liggen.
Hier en daar raakt het werk van de glaskunstenaar het domein van de keramist, ook de resultaten kunnen vormelijk in dezelfde richting gaan.


Penny Fuller maakt "bowls", een soort kommen, die mij veel aan gedraaid keramiek doen denken. Maar ikzelf, mijn gevoel mist er iets bij, de body, de kleur en de structuur van de klei. Glas is niet echt mijn ding. En soms kan té doorzichtig mij niet meer boeien...