Pagina's

Posts tonen met het label klei. Alle posts tonen
Posts tonen met het label klei. Alle posts tonen

maandag 25 augustus 2014

Cursus keramiek, basistechnieken met klei.

In september begint het nieuwe klei-jaar voor mij!
De vakantie is dan definitief voorbij. Dit jaar was het een werk-vakantie, onderbroken door 2 weken lesgeven in pottenbakken. 't Was weer eens wat anders... Enthousiaste mensen die het pottenbakken eens wilden proeven tijdens hun vakantiedagen. Creatieve vakantie in eigen streek.

En nu mogen we weer aan het werk in de nog vrij nieuwe zaak. Er ligt ondertussen een parking voor de ingang. En voor wie het nog niet ontdekte: die ingang is achteraan, Ter Abdijhoeve. Ik geef toe, de eerste keer vraagt het een beetje zoekwerk, maar eens gevonden, vergeet je het nooit meer. En, een groot voordeel, we gaan nu niet meer verhuizen!


Het najaar is dé periode voor cursussen. Het schooljaar begint op allerlei fronten en keramiek past daar ook tussen. Dus gaan we van start met een basiscursus in 5 lessen. Deze cursus loopt al enkele jaren en steeds opnieuw verrassen de resultaten.
We starten uiteraard met duimpotjes, een eeuwenoude basistechniek waarmee je alle kanten uit kan. Van de meest leuke kleine olijvenpotjes tot de meest fantastische porseleinen kunstwerkjes waarmee Pascale Devisschere furore maakt.


 Daarna gaan we bouwen met rollen of "worstjes", de basistechniek colombin.

Hierbij kijken we vol ontzag naar de grote Magdalena Odundo, een Keniaanse dame die reeds jaren les geeft in het Verenigd Koninkrijk. De vormen die zij creëert met zo'n eenvoudige manier van opbouwen, laten mij hart een slagje vlugger gaan.
 Er is een les voorzien om plakken te leren gebruiken. Het uitrollen van klei is vrij arbeidsintensief, maar je gaat daarna wel sneller vooruit.

De plakken kan je gebruiken in slappe toestand of laten opstijven en er dan bijvoorbeeld doosjes en sokkels mee bouwen.
Vazen, huisjes,...

Volle vormen uithollen, engobes en oxides, glazuren... We raken het allemaal even aan.
De technieken kunnen natuurlijk ook gecombineerd worden.


Finaal gaan we zelf het werken met porselein niet uit de weg... We maken een theelichtje met papier/vlasporselein.

De cursus is een middel om je weg te beginnen zoeken, een techniek te vinden die je ligt, een afwerking die je graag ziet...

De eerste les is al volgende week dinsdag.
Als je snel bent, kan je er nog bij...
Met deze link lees je er alles over. Klik hier.

zaterdag 10 augustus 2013

Cursus keramiek en pottenbakken.

Eindelijk, ik mag weer!
"Oei", hoor ik ze denken, zou de vakantie niet zo goed zijn verlopen? Of heeft ze te veel in de zon gezeten?
Geen van beide, kan ik die bezorgde zielen gerust stellen... En ja, het gaat nu niet echt meteen over het feit dat ik zo verheugd zou zijn dat de vakantie voorbij is. Niet echt helemaal.

Nee, eigenlijk ben ik gewoon blij in het vooruitzicht van die cursussen en workshops. Ik heb mezelf eens goed uitgeleefd en er zitten een aantal basiscursussen bij.
Van de cursus keramiek kan ik echt genieten. Mensen een beetje van de verschillende soorten klei laten proeven, de korrel van chamotte laten ontdekken, de kracht en de mogelijkheden van scheppende handen laten voelen.
Van niets naar iets. Enfin, niets, van een vormeloos pak klei...


Ik zie dan graag de verbaasde blikken als mensen ontdekken wat ze zelf kunnen maken, hoe mooi het soms wordt. Simpele trucjes om er net iets meer aan te geven, een detail dat het af maakt. Simpel, maar wel toevallig op de juiste plaats.

Sommige van "mijn" leerlingen, mensen die hun eerste stapjes in zo'n cursus zetten, zijn ondertussen overgestapt naar academies of opleidingen bij Syntra. Als ik ze dan weer zie in De Koploper, als ze om klei komen, voel ik een heel klein beetje trots...

Daarom: ik ben er klaar voor, helemaal!
Cursus keramiek, pottenbakken, engobe, glazuren en... een nieuwe: stempels maken. Over de stempels zal ik het nog wel eens hebben.


vrijdag 12 november 2010

Keramisch vragenuurtje.

November, midden november, wapenstilstand...
De in september aangekochte basissetjes voor boetseren en pottenbakken zijn nu al volop in gebruik en de eerste werkstukjes zijn gebakken. Ik zie ze wel graag komen, die nieuwelingetjes, aarzelend vragend of ik wel klei verkoop in dat winkeltje van mij, "gewone boetseerklei" of "klei om mee te draaien, witte" ? Of een beetje overmoedig, klaar om hun werk van kleur te voorzien. Voorzichtig vraag ik of ze aardewerk gaan bakken of steengoed, of ze gieten, dompelen, spuiten of schilderen willen met hun glazuur? Wenkbrauwen de hoogte in. Eh, of het over voedingsrecipiënten gaat of een beeld dan misschien? En, moet het dan nog eens gebakken worden? Welke temperatuur? Hoezo?
...
Vorig weekend was ik op de tentoonstelling in de club (Sueva, Zwevegem) waar ik ook op die manier debuteerde, nu wel al 20 jaar geleden. Vol overtuiging wandelde ik, jaren geleden, in al mijn onschuld en onwetendheid, op de begeerlijke draaimolentjes af en keek eens rond: "Hoe begin ik eraan om een potje te draaien?" De mevrouw die de pottenbakkers initieerde was er niet en dus kreeg ik wat recupklei om "eens te proberen". Recupklei, jawel, met hele dikke chamottekorrels in!

Annemie, de mevrouw dus, heeft nog wel wat tijd in mij gestoken achteraf, maar het heeft daarna bijna 12 jaar geduurd voor ik me er weer eens deftig aan waagde... Het eerste potje koester ik nog steeds.
Dit maar om te zeggen dat ik er begrip voor heb: onwetendheid. Meer nog, ik heb er behoorlijk wat ervaring in!
...
Weerom al wat jaren geleden begon ik serieus te denken over een toekomst als kleiboerin en vond ik dat ik een behoorlijke opleiding moest hebben om zelfbewust voor mijn publiek aan te treden. Op dus naar Syntra West in Brugge.
Nog steeds merk ik dat je daar een heel behoorlijke basis krijgt wat betreft de technische bagage die met klei en keramiek te maken heeft. Op dat vlak maak ik er graag reclame voor.
...
Ondertussen is mijn horizon alleen maar breder geworden, interesse, studie, internet en literatuur, maar ook vooral heel veel contact met keramisten en pottenbakkers allerlei zijn daar verantwoordelijk voor en daarom wil ik graag mensen op weg helpen.

Volgende week woensdag ga ik weer op missie. In de "keramische vragenuurtjes" toon ik wat er allemaal bestaat, waar het voor dient en welk resultaat je ermee behaalt. Precies, het is waarschijnlijk ook commercieel te noemen, want ik haal zowat alles boven wat ik aan klei, engobes, glazuren en gereedschap aan de man breng en je krijgt een deel van het inschrijvingsgeld terug betaald in een aankoopbon, maar, geloof me, daar is het in de eerste plaats niet om te doen. Ik kan namelijk zo genieten van die ondeugende twinkeling in de ogen van iemand die me daarna nog om "een pakske klei" komt vragen!
...
Wees welkom met al je vragen. Graag een seintje vooraf als je mee komt luisteren.

maandag 1 maart 2010

Op dreef.

De mallencursus is goed op dreef gekomen, we gaan nu voluit voor de eindspurt, recht op de workshop met Monika Patuszynska af, einde maart. Het vraagt nog wat doorzetten om een aantal malletjes werkklaar te hebben, simpele malletjes om er dan creatief mee aan de slag te gaan (...).
Onderstaand diareeksje kreeg ik doorgezonden van een ijverige deelnemer.



Ondertussen ging de cursus draaien van de mast van start. Het was hier zaterdag een drukte van jewelste.


Ook van deze les een eerste reeks foto's.





Veel succes aan de deelnemers.



Ondertussen worden mijn voorraden stilaan aangevuld en iedereen wordt aangeleverd. Bedankt voor het wachten. Vrieskou is wel een probleem voor het verzenden van klei. Het duurt dan ook even voor alle achterstand ingehaald is. Maar ik doe mijn best...



Voor de liefhebbers: de African Stone is terug op voorraad. Dit is een speciale kleisoort. Zeer vuil om te gebruiken, maar ze bakt bijzonder mooi. Het resultaat hoeft geen glazuur meer. Toegegeven, de klei is niet goedkoop, maar niet te hoeven glazuren, bespaart ook in de kosten én aan tijd.




Het is een zeer vuile bordeau klei in de verpakking, hij kleurt alles rood dat in zijn buurt komt en zelfs de beste vlekkenkampioenen slagen er niet in zijn sporen uit je werkkledij te wassen... Meestal is hij ook te nat om mee te werken, recht uit het pak, maar dat euvel is snel op te lossen door hem even te laten ademen.

De chamotte varieert nogal, het is wat op de nonchalante Franse manier: soms rode, soms gelige chamotte, wat fijner, wat groffer. Theoretisch heb je verpakkingen met 0-1 mm en een andere 0-3 mm. Maar, zoals je zelf kan zien, op de afbeelding hierboven, wordt 3 mm soms 2.5 mm. Ook de baktemperatuur durft variëren, hier vermelden ze trots dat hij tot 1300°C bakt, daar wordt dat dan weer wat voorzichtiger 1280°C... Feit is dat het een uitzondering is dat zwarte klei ook mooi zwart bakt en dan nog wel tegen zo'n hoge temperaturen bestand is. Persoonlijk vind ik hem op zijn mooist in oxidatie rond 1150°C, dan leeft hij nog echt, boven de 1200°C dooft hij een beetje.
Er is veel activiteit momenteel en in de avond durf ik dan ook een beetje te doven... En er is nóg op komst...

woensdag 14 oktober 2009

Wederdienst.

De Koploper woont eigenlijk in een gewone straat, een gewoon huis tussen de andere. Het voetpad is niet recentelijk heraangelegd en vertoont tekenen van de tand des tijds. Als er geleverd moet worden, zet ik enkele plankjes klaar om de goot te overbruggen met de transpallet, want een ton in beweging krijgen is niet zo eenvoudig en als een wiel zich klem rijdt in een oneffenheid, moeten de chauffeur en ikzelf hard labeuren om de lading weer op het juiste spoor te krijgen. Eén man zie ik graag komen in dat opzicht. Hij parkeert de camion een ietsje schuin, zodat de laadklep op de rand van het voetpad rust en rijdt dan zonder problemen de hele vracht binnen. Het was de allereerste koerier die aan mijn deur stond en hij blijft mijn favoriet! Ik heb het al vaak willen suggeren aan zijn collega's, maar ik weet niet hoe ik het moet overbrengen aan dat stoere mannenvolk zonder hun eergevoel aan te tasten...
Mijn slechtste ervaring ooit was een Franse levering. Mijn zoon was ziek en de school belde om uitleg voor zijn afwezigheid, ik verwachtte de dokter en wist nog niet wat er aan de hand was, net toen die man aanbelde met een lang verwachte zending. Ik stond misschien ook wat scherp, toen hij al meteen begon te zuchten en te vragen of er een man aanwezig was om te helpen: "Il s'agit d'une tonne de terre, hé!" Nu zijn de meeste van de pallets zo beladen als ze hier toekomen, maar dat vond de man geen argument. Hij vroeg me of ik een ander pallet had. Ik dacht dat het om een retour ging om in te ruilen, zodat er geen kosten hoeven aangerekend te worden en liep met de telefoon aan mijn oor (de school over mijn zoons afwezigheid, precies, ja) om een leeg pallet. Groot was mijn verwondering toen hij aan de overzijde van de straat de krimpfolie van zijn pallet begon los te trekken. Hij begon gewoon die pallet over te laden! Toen hij halverwege was, trok hij het gevaarte met slordig gestapelde broodjes klei over de weg. Het gevolg laat zich raden: de Groeningestraat over de gehele breedte versperd door een verlies van lading. Ik was ondertussen woest! Toen moest ik nog komen helpen omdat hij "mal au dos" had van al dat verleggen van die klei. Ik kon niet anders want de rij wachtende wagens groeide snel. Eerst heb ik van het gebeuren toch nog even een fotootje gemaakt, iets wat ik altijd doe als er iets mis is bij de levering.
Enfin, alles geraakte aan de overzijde en ik had mijn kalmte terug gevonden door het sporten. Dat doet een mens deugd, hé. Mijn toch wel af en toe commerciële geest was weer helder, ik keerde de kar en begon medelevend mee te zeuren en zagen over het harde werk als vrachtwagenchauffeur. Na het levensverhaal en de arbeidsperikelen van deze man te hebben doorlopen, vroeg ik vriendelijk of hij zijn problemen op mijn leveringsbon wilde vermelden. Blijkbaar was er bij het laden ook iets mis gelopen want het pallet was al wat uit evenwicht geweest en gekanteld tijdens het transport. Hij vermeldde hoeveel pakken klei er beschadigd waren en zei me: "Alors là, je vous fait une fleur" en wachtte daarna blijkbaar nog op een fooi ook. Maar op dat vlak ben ik Oostindisch doof want ik vind dat een totaal verkeerd principe.
Het was de eerste lading van een nieuwe leverancier en dus een beetje penibel om te melden, maar ze hebben me alles vergoed en aan de hand van de foto op de transporteur verhaald. Ik veronderstel dat het cv van de chauffeur in kwestie met een lijntje werd verlengd of gaat dat niet zo in Frankrijk?
Maar ik geef toe, als er voor mijn deur een 10- of 20- of weet-ik-veel-hoeveel-tonner stopt, dat maakt indruk. Na de diepe zucht als zijn moter stilgelegd wordt, komen de gepensionneerden in de buurt meestal kijken, buiten of achter glas en geven niet zelden aanwijzigingen en wijze raad. Het brengt leven in de straat. Er zijn meer dan eens heel charmante mannen, zelfs in kostuum, die uitstappen uit hun wachtende wagen en lachend mee helpen duwen zodat iedereen weer snel verder kan. Andere mannen in overall rusten tevreden even uit, met zicht op het spectakel en op kosten van de zaak...
's Avonds als mijn troepen naar huis komen, wordt de oogst gekeurd. De ene zucht eens en vraagt hoeveel er naar mijn kelder moet en hoeveel ik rechtstreeks ga leveren, de ander maakt een grapje dat ik al een beetje ken onderhand en de derde vraagt of het nog voor vanavond is?...
Ik had nooit gedacht dat ik in tonnen zou denken als ik het over mijn werk zou hebben, maar soms heeft het er wel iets van. Al merk je dat niet echt als je de klant bedient en pakje per pakje boven haalt.
In dat opzicht zijn de grootverpakkingen van glazuren en grondstoffen toch iets gewichtiger. Ik slaag er al in een zak van 25 kg stevig te omklemmen en van en naar het eerste verdiep te sjouwen, maar bij 40 kg en meer geef ik forfait. Dan moeten mijn gespierde zoons in actie komen. Gisteren was het weer van dat. Er moest geleverd worden en er zaten 3 grote zakken van 50 kg bij. Mijn jongste zoon werd mijn assistent want de oudste gaat dinsdag duiken. Hij bekeek de zak en zei dat het wel moest lukken want dat het ongeveer het gewicht van zijn vriendinnetje was... Maar dat lieve kind legt dan ook gewillig haar armen in zijn nek en klemt haar benen om zijn lijf, mijn zakken zijn iets minder meegaand...
Met zijn leerboeken in aanslag en de radio dood, reden we naar de bestemming. Stil keek ik buiten naar de lichtjes in het duistere landschap. En alles werd keurig geleverd.
Deze ochtend zat hij daar weer, met zijn neus in diezelfde boeken. Of ik hem even naar school wilde rijden? Hij loopt deze middag een wedstrijd, op provinciaal niveau en is reuze sportief, maar kon ik hem die wederdienst weigeren? De fiets ging mee in dezelfde ruimte waar gisteren zakken en zakjes grondstoffen hun weg naar de klant vonden. De radio dood en ik, ik genoot stil van de kleuren die de opkomende zon tovert door de nevels boven de velden.

dinsdag 1 september 2009

Boetseren.

Soms ben ik helemaal in de ban van het pottenbakken, het draaien op de schijf. Op die momenten vergeet ik wel een beetje dat je nog een heleboel andere mooie dingen kunt doen met klei. Maar klei blijft een materie waarmee je alle kanten op kunt, dat bewijzen de mensen in mijn winkel dag na dag.

Overlaatst was ik aan het grasduinen op internet, met Google. Ik had gewoon een klei-woord ingetypt, zoals ik dat wel eens doe, om dan vaak iets heel interessants te vinden. Tja, ik kijk zo goed als nooit TV, een mens moet toch eens af en toe "kastje-staren"...

Ik ben die laatste keer op iets verbluffends gebotst, of het nu mooi is of je dat nu zelf zou maken, da's allemaal naast de kwestie. Feit is, dat het ongelooflijk knap is om zo te kunnen boetseren!
Oordeel zelf.



Philippe Faraut heeft ook een immens mooie site. Enfin, het zijn vooral de prachtige beelden die de site zo aantrekkelijk maken.

Ik hou hier geen pleidooi voor de man om zijn commerciële activiteiten in de verf te zetten, ik heb alleen een mateloze bewondering voor zijn vaardigheid. Oefening, dat zeker, en heeeeel veel, maar waarschijnlijk toch ook een goddelijk talent!

donderdag 23 juli 2009

The day after. After the holidays.


Of liever: the weeks and months after...
Vanaf 10 augustus is De Koploper weer paraat.
Daarna is er weer volop actie gepland, allereerst via de workshops en cursussen. Ik zet ze nog eens op een rijtje, zodat je na kan denken of je ergens bij wil zijn.

Het keramisch vragenuurtje.
In de winkel blijkt regelmatig dat vele mensen zich vragen stellen over het verschil tussen de soorten klei, de baktemperaturen, het gebruik van (sinter)engobes en glazuren en het bakproces.
Daarom geeft De Koploper INFO-DAGEN.
Sessie 1: de verschillende kleisoorten, verschil in gebruik tussen witte en gekleurde kleisoorten, aardewerk, steengoed en porselein, wat chamotte is, veiligheid, giftigheid, gebruik met kids...
Sessie 2: alle mogelijke decoratietechnieken met en op ongebakken klei. Wat is engobe? Zelf maken of kopen? Kan ik klei kleuren? Wat kan er allemaal met klei?
Sessie 3: soorten glazuren, zelf maken of kant-en-klaar, verhouding tot de gebruikte kleisoort, kleurmengsels... De bedoeling is niet een heleboel recepten meegeven, maar duidelijk te maken wat je wel eventueel zelf kan en waar je dat moet vinden, hoe je dat moet testen...
Sessie 4: het bakproces wordt onder de loep genomen. Waarom zelf bakken? Wat zijn stookcurves? Aardewerk of steengoed? Biscuit? Tips en info over de aanschaf van een eigen oven. Voor- en nadelen van zelf bakken.

Vorig jaar is gebleken dat het zeer interessant is voor beginners en ook gevorderden. Je moet rekenen dat ik ongeveer een klein uurtje uitleg geef en de producten en voorbeelden bespreek en daarna worden er opmerkingen gemaakt en vragen gesteld. Je leert ook veel van de ervaringen van de andere deelnemers.

De sessies gaan door in september op dinsdagavond of woensdagnamiddag, naar keuze.

Hier lees je alle verdere practische info.


Juwelen in papierporselein en agaat.


Zeven zaterdagnamiddagen kan je juwelen in papierporselein en agaat komen maken. De techniek wordt je bijgebracht door Dirk Vanhaeren. Papierporselein laat toe mooie dingen te doen met porselein, het toevoegen van vlas- en papiervezels maakt de materie veel gemakkelijker in gebruik.
Agaat of nériage is het inkleuren van klei en deze dan in laagjes en motieven verwerken.
Beide technieken worden hier nu gebruikt voor juwelen, maar ze zijn net zo goed toepasbaar voor schalen, verlichting, decoratie...
Deze cursus werd al enkele keren ingericht door De Koploper. Dit jaar is wellicht de laatste kans om deel te nemen.
Klik hier en je leest alle practische info.


Boetseren met plakken met Christien Dutoit.


Christien Dutoit hoef ik aan de meeste mensen niet meer voor te stellen. Vorig jaar was ze hier om te leren boetseren op haar manier. Het was een groot succes. Dus komt ze weer terug. Deze keer gaan we een dier boetseren. Je mag dan een afbeelding meebrengen en ze zal je helpen deze te vertalen van twee naar drie dimensies en met een eigen cachet.

Klik hier en je leest alle info.
The day after... Als ik terug thuis zal zijn, lees ik de reacties na. Je kan inschrijven via mail, je krijgt een antwoord, the day after.
Nu eerst: Luieren en niks doen wat moet.
Goeie vakantie!

dinsdag 21 juli 2009

Verhaaltjes...

Défileren, tanks en uniformen. Stripfiguren boetseren? Michiel maakte er meteen een passende strip van!21 juli, Nationale feestdag en Koninging Fabiola draagt een kogelvrij vest. Waar is de tijd dat ze nog gewoon sprookjes schreef?

21 juli is nu al zeker 10 jaar een heel ander feest voor ons: de chirojeugd komt terug van kamp. Blij weerzien op het perron, bagage bij elkaar scharrelen aan het heem. Een echt feest is het, het ene jaar blij de jongste terug te zien, met klever op het oog, maar toch wel heel fier op zijn kamp. Een ander jaar, zeker twee dagen teken zoeken onder oksels en in alle andere holtes... En was, bergen niet erg frisse was (was hoort niet fris te zijn, maar er zijn gradaties!!!), toch zeker 3 à 4 machines!
En die verhaaltjes dan ?...



De winkel is dicht nu, maar ik geniet na. Als iemand binnenkwam en hij/zij maakte een opmerking. Stilte, hij/zij wachtte tot ik opkeek. Ik zag dan pretlichtjes in de ogen van de klant: hij/zij wist wat ook ik weet: het staat ergens in mijn blog. Inderdaad.
En de klant scoort.

Af en toe was ik wel eens heel verbaasd: "hoe weet díe dat nu?"

"Ben je al toe na 18 juli, op de middag?", vraagt een vriend in Antwerpen. "Jullie hebben je al geamuseerd, zeker, zo zonder de zoons?..." Hééééél suggestief kijkt de man ons aan.


O ja, hoor, we hebben al mallen gemaakt en brandhout binnen gehaald. En ja, we zijn zelfs een levering gaan halen in Duitsland!


Geef mij dan die verhaaltjes maar. Welke verhaaltjes? Wel, de verhaaltjes die horen bij de inhoud van mijn oven. De laatste stook zat vol materiaal van mijn kids van de Grabbelpas...
Wat denk je van: "Hoe het zwijntje zijn oog, snoet en voorpoot verloor?"
Of "het spaarbeest dat drie poten geamputeerd werd in een hete nacht?"


Of "De spaarvent die zijn oogleden terug moest laten vast lijmen?" ... Botox???


Verder heb ik nog een bunny in stock, voor ze verhit werd, was ze haar staartje al kwijt, daarna zelfs haar hoofd.
Fabiola kijkt nu kwaad in mijn richting: " het ging hier wel over werkjes van de kindjes, hé?!"


Een lijmpistool kan wonderen doen. Eh, ná de vakantie, wel te verstaan! Ze moeten maar even afzien.

Ik wil best een wedstrijd uitschrijven: het mooiste verhaal over mijn zielige personnages krijgt eeuwige roem en een pak verse klei om zijn eigen perverse ideeën aan de mensheid voor te leggen. Het zou me wat ontlasten om leesvoer te creëren...

Maar daarna haal ik de rest ook uit de oven. Mooie, gave spaarpotten, klaar voor trotse eigenaars, helemaal af.





En mijn eigenste groooote schaal, ze klinkt als een klok (muziek in de oren!), en Urbanus, slechts 1 tand overleefde die roos niet, de Rode Ridder...


En ja, ik vul het vurige beest nog een keer. Nog één keer voor mijn échte vakantie. Om enkele mensen blij te maken. Donderdag leeg ik haar...


's Avonds drinken we een glas met vrienden, een bord pasta erbij en dan kan ik niet meer slapen.
Er ligt zeker wat op mijn maag.


De Chiroboys ronken al: compleet dood. Ik heb het moeilijk. Denk weer veel te veel na...

Het huis is stil, de murmelende wasmachine niet meegerekend.
Zou Fabiola al slapen?

vrijdag 17 juli 2009

De nieuwe generatie.

Het is bijna zo ver, nog één zaterdagvoormiddag en dan sluit De Koploper de deuren voor een drietal weken. Deze ochtend was de laatste bende Grabbelpassers present, een kleine delegatie, 9 trouwe fans. Waarschijnlijk zijn er al op vakantie, want vorige sessies waren het er wel 16 of 18,... De meeste ken ik al een tijdje. Ook hun zusjes en broertjes komen al of zijn er volgend seizoen bij. Ik word ouder, merk ik, ik heb die kindjes nog weten geboren worden, of zag de mama's zwanger...



Af en toe herhalen we iets, zoals het boetseren van spaarpotjes. Daar is een beetje voorbereidingswerk aan. Ik draai dan de zaterdag een heleboel bollen in rode klei en draai ze af zondag. Maandag hebben de kids er spaarvarkentjes, spaarkoetjes, spaarventjes van gemaakt...

Of we boetseren kriebeldiertjes voor de tuin. Da's ook een blijver, maar dat geeft niet, want die worden niet gebakken en verdwijnen dan tussen het groen of vallen uitgedroogd uit elkaar. En het jaar daarna hebben we nieuwe inspiratie...

De oven zit vol met een eerste lading spaarpotten en stripfiguren. Urbanus met een roos in de mond, die boven de flinke boezem van Fannie van Kiekeboe hangt, twee Carmens uit de kampioenen, een Balthazar Boma, Spongebob, Suske, Wall E...
En vandaag was het een gezinnetje aan zee boetseren. Vorig jaar heb ik eens een vriendenkringetje gemaakt en stelde toen voor je familie als voorbeeld te nemen. Dat had ik beter niet gedaan... "Mijn echte papa of mama's vriend?" "Mag ik mijn twee mama's daar dan bij zetten?" "Ik wil niet met mijn zus, wel met mijn schattig halfbroertje, maar die kan nog niet lopen." "Mijn mama en mijn papa zijn geen vrienden meer." Ik heb toen veel bijgeleerd... Als sommige ouders wisten wat hun kids hier allemaal komen vertellen... "Mijn papa danst alleen als hij dronken is en dan alleen met een das aan". Tja, die man beseft waarschijnlijk niet waarom ik glimlachte toen hij om zijn dochter kwam, gelukkig heeft ze het niet meteen herhaald waar hij bij stond.
Het gezinnetje aan zee dus. Net vandaag is het weer wat minder, de zon blijft uit, er valt een stevige bui bij wijle... Toch rollen Antonella en Sophia strandlakens, zet Maarten de parasol op, stranden er orka's en (zee)paardjes, bouwt Ruben een strandkasteel dat daarna een gewoon kasteel wordt met slangen die het bewaken, Michiel zet twee duikers, kompleet met snorkel in een rubberbootje ... Ventjes maken dat moet ik even tonen, want "die kop komt altijd los". Ik denk plots terug aan een van mijn eerste lessen bij Syntra in Brugge. Greet Blomme toonde ons hoe we op een eenvoudige manier mannetjes en hoofdjes konden boetseren, voor enkelen wellicht hun eerste kennismaking met de materie.
Daarna is het giechelen geblazen als we zwembroeken en bikini's gaan boetseren... "Ik gebruik rooie klei als de familie al lang in de zon heeft gelegen." "Ikke bruine." "Buine klei? Da's toch voor negertjes?!" "In mijn familie zijn geen zwarten."
Charlotte zegt dat haar broer een geheim heeft. Uiteraard moet dat eruit. Blijkt dat ik meer dan 12 jaar geleden ergens werkte waar hun mama mijn collega was. Fijn geheim! Ik wil Charlene wel eens terug zien! Later bevestigt oma het verhaal en zal de groeten doen.

Opruimen met de moni.
De deur dicht. Twee minuten later staat er een mama terug. "Iets vergeten?" "Neen, ik wil een pak klei kopen, want ze doen het zo graag!" That's the spirit! Keramistjes in spe.

donderdag 9 juli 2009

M.J. Original

Nee, geen artikeltje over Michael Jackson, daar wordt al meer dan genoeg over geschreven en verteld, ik heb daar niks aan toe te voegen, meer nog, ik doe geen moeite er een gegronde mening over te hebben, veel verder dan een "vlot deuntje" of een "knappe choreografie" gaat het niet. Veel en veel te Amerikaans allemaal voor mij.
(Bovenstaand kasteel is ook niet Neverland of Disneyland.)

Geef mij maar Frans. Geen venten, klei! Bij De Koploper zitten een aantal zeer speciale kleisoorten in het aanbod, hoofdzakelijk Franse, de M.J. is daar een van. Voluit M.J. Original, grès Roux de Treigny, klinkt bijna van adel. Treigny is een gemeente in het departement l'Yonne, streek van de Bourgogne, ten zuiden van Parijs. Op grotere schaal is deze streek verbonden met de Puisaye, in het departement Cher, in de streek Centre. Er zijn kleigroeven en in de buurt kan je er het met houtovens bezaaide dropje La Borne (75 km) bezoeken. Het ziet er zwart van de pottenbakkers en keramisten!

Toeristisch gezien vind je in Treigny een kerk die zo imposant is dat ze de bijnaam kathedraal waardig draagt.


En voor de meer gespecialiseerde toeristen, kan je tijdens het seizoen doorlopend het prachtige kasteel van Ratilly inlopen om wat... jawel, keramiek te gaan bekijken. Dát is het dus, het kasteel bovenaan dit artikeltje.


De klei nu.

M.J. daar ben ik nog niet uit, waar die letters voor staan. M = Moutiers? Original, dat wil zeggen dat het de klei is zoals ze gewonnen en verwerkt wordt, al eeuwenlang door de mensen uit de streek, voor de fabricatie van steengoed. Je vindt ook verschillende melanges met andere kleisoorten, vandaar Original.

Roux, de rosse, duidt op de kleur. Na de biscuitbrand is deze klei warm oranje, zachter dan terracotta en minder flets dan zalmkleur. De kleur wordt er alleen maar warmer en dieper op na de elektrische hoogstook en ze zal bijna naar metalliserend warm bruinrood gaan na reductiestook, kleuren waarmee menig kapper zijn kleurend pallet Venitiaans blond zou kunnen uitbreiden.


Naast de kleur, heb je ook de consistentie. Ze komt moeilijk en dwars uit haar verpakking. Zonder grondig kneedwerk krijg je er niet veel van gedaan. Bij deze soort klei merk je meteen het belang van een grondige beurt op de massagetafel. Heel langzaam zal ze gewillig worden, maar ze geeft haar (dr)aaibaarheid slechts met veel inspanning prijs. En dan voel je het, nu is ze klaar voor het betere werk. Als ze een beetje harder is, blijkt ook het centreerwerk je zweet te eisen. Maar als je haar ook nu kan temmen, dan bloeit ze open in al haar kwaliteiten. Zeer vlot laat ze zich openen, stabiel optrekken en plastisch in alle bochten duwen. Op de draaischijf, voor alle duidelijkheid. Als ze iets harder is, gebruik ik graag slib om haar te vormen. Het slib is trouwens nogal vuil van kleur, daar moet je beter niet bij stil staan.


Ze kan de neiging tot scheuren vertonen als je haar met water verzadigt, maar een geoefende hand kan haar terug redden en eventueel kan drogen met warme lucht de nodige stevigheid bieden om het werk te stabiliseren.


Met het afdraaien wacht je best niet te lang want al meteen zet het krimpproces zich in gang. Tussen vet droog en zanderig lederhard, zit al 5% krimp, echt enorm! Het gaat snel en is ongenadig voor montagewerk, je stukken moeten dezelfde staat van droging hebben bereikt, of alles zál scheuren. Na de stook op maximale temperatuur, heb je een totale krimp van ruim 11% bereikt, iets om te verrekenen bij je ontwerp.

De hoeveelheid ijzeroxide (bijna 3.5%) zorgt ervoor dat je er rekening moet mee houden bij de keuze van je glazuur voor steengoed. Minder dekkende glazuren zullen helemaal veranderen van kleur, andere zullen er profijt uit slaan en hun mooiste kleurengamma verrijken o.i.v. deze kwaliteit.


Het moge ondertussen duidelijk wezen, ik ga voor deze klei. Het feit dat je haar in het oog moet houden dat ze goed vochtig moet blijven, dat ze bij te veel vocht behoorlijk gaat schimmelen, dat je haar heel goed moet kneden, dat ze enorm poederig zal worden bij het drogen en dan onhandelaar wordt, dat ze dominant is bij de keuze van je glazuur... Ik neem het er allemaal graag bij. Haar grillige karakter maakt de beloning van haar gewilligheid op de draaischijf alleen maar groter. Klei is vrouwelijk, deze zeker.

woensdag 10 juni 2009

In dialoog met het water.


Naar analogie met "in dialoog met de aarde", wil ik nog eens proberen te scoren met een gegeven dat essentieel is in het keramisch verhaal. Water, in ons land niet echt een schaars element, getuige vaak het weerbericht. Gisteren was het weer zover, net toen ik thuis kwam na een lever- en boodschappenronde. In de gietende regen heb ik mogen uitladen, er zat diepvriesvis bij...IJskoude, dode vissen door de regen... Mooi beeld.


Als ik terug op het droge was en de sluispoort van de thuishaven dicht geduwd had, jawel, nét dan, scheen de zon doorheen de regen om even later het pleit te winnen. Mooi moment anders, zonneschijn door de regen. Duiveltjeskermis, zo noemden wij het waar ik opgroeide. Misschien genoot ik wel wat vaak van dat toch wel vrij unieke weertype en hield ik er hier of daar misschien een duivels trekje aan over. Plagen met pretlichtjes in de ogen. Nochtans, ik doe het niet met opzet, althans niet elke keer, gewoon de aard van 't beestje, te veel van die duiveltjeskermis.
Toch mooi, die combinatie van water en licht, hoopvol speelse druppels geven de stralen een nieuwe dimensie, iets meer kleur aan het licht.



Zand en zee, slib aan de oever, zandkastelen, moddergevecht, je voeten die wegzakken in het slib van de rivier, pottenbakken, je vingers in het slib, het contact kan haast niet intenser zijn.
Droge aarde, zo kan je van kleipoeder vertrekken. Weinigen doen het, aanlengen met water, kneden en mixen, eventueel terug wat laten drogen, weer kneden. Nogal omslachtig en meestal enkel door grootverbruikers toegepast. Of door hen die een eigen melange willen maken. Zo kan je netjes de ingrediënten afwegen om later opnieuw precies hetzelfde recept aan te maken.
Als je restjes klei plat rolt met een klei- of deegroller, kan je deze gebruiken om slib of engobe te maken. Eventueel wel de chamottekorrels eruit zeven om een crèmerige massa te maken. Leuk is hoe de aarde kreunt als je er terug water op giet. Even je oor naast het potje houden en genieten van dit blije weerzien.

En dan zit dat water erin, je doet je ding ermee en dan moet het er weer uit. Langzaam verkleurt je werkstuk, eerst bovenaan, daarna verbleekt ook de onderzijde. Best leg je de eerste dagen luchtig een vel plastiek over je werk zodat het allemaal heel geleidelijk gaat.

De laatste tijd maak ik veel gebruik van het droogprogramma van mijn oven, om zeker te zijn dat alle water verdampt is. Als je gaat stoken moet je er ook rekening mee houden dat er vele oxides in je klei en glazuur zitten. Deze verbindingen moeten de waterstofatomen lossen en gaan zich herschikken, daarom moet je langzaam aan gaan bij het opwarmen. Anders krijg je scheuren of afschilfering.

Water bewijst het onverbiddelijke karakter van keramiek, eens hoog genoeg gestookt, moet het er niks meer van weten. Poreusiteit wordt versinterd, opzuigen wordt bewaren, in kannen en kruiken.
Ooit heb ik zin gekregen een fontein te maken in keramiek en de idee laat me niet los. Ook mijn wederhelft zoekt nog vaak eens naar een mooi mechanisme om een rad te doen draaien of iets op en neer te doen bewegen. Gladde druppels, hun weg zoekend op de ruwe keramische huid of perfect hun rondingen tonend op het glazuur.

...

En terwijl ik geconcentreerd zit te typen, klettert de regen neer. Verdorie, mijn gipsen staan buiten! ik red wat er te redden valt, dat wordt weer een dagje langer drogen. Mijn volgende klant kijkt me lachend aan: "eh, ambities voor de 'wet T-shirt contest?'" Terwijl het water me langs mijn voorhoofd naar beneden parelt, voel ik het schaamrood de andere richting uit gaan.

Ja, zeg, niet seksistisch denken, hé?!

Water, inspirerend?
Heb me al eens afgevraagd of het zout van tranen invloed zou hebben op glazuur? En zou er verschil zijn in tranen van verdriet en tranen van geluk of opluchting? Een fikse stortbui of toch duiveltjeskermis?

vrijdag 29 mei 2009

In dialoog met de aarde.



Ik erger me er soms aan dat mensen veel te vlug terug grijpen naar de essentie van het keramisch speeltuintje om te scoren. Aarde, water en vuur zijn de dankbare hoofdrolspelers waarrond je gemakkelijk je verhaal kan schrijven. Met wat verder te graven, kan je er ook nog het element lucht erin betrekken. Het thema van je werk is "aarde" en dan hoef je de klei meteen niet te veel te bewerken, een strategisch goed klinkend verkoopspraatje, de juiste garderobe en de juiste "vrienden"kring en je broodje is gebakken. Lijkt simpel. Alleen is de vraag of het dat wel is?
Toen er me werd gevraagd wat mijn visie was, tijdens mijn opleiding keramiek, had ik het heel moeilijk met die vraag. Ik heb veel rond gekeken en heel veel "artist statements" gelezen ondertussen en ik heb er nog steeds even moeilijk mee. Je visie, is dat vertellen wat je doet? Waarom je het doet? Wat je wil bereiken? Waarom je dat precies wil bereiken? Waarom je voor dit medium kiest?
Veel vragen, heel veel vragen en bitter weinig antwoorden. In mijn geval dan toch, maar ik ben dan ook geen kunstenaar en heb nogal een primitief gevoel voor "kunst". In de eerste plaats moet ik iets mooi vinden. Voor mij dus geen lelijkheid als manifest, sorry.

Keramiek is voor mij een tactiel gebeuren en vaak sta ik onbewust aan een werk te voelen tijdens een tentoonstelling, wat wisselend onthaald wordt. Soms speelt er een glimlach op het gelaat van de kunstenaar, soms wordt ik terecht gewezen. Maar ik zou nooit iets willen verwerven en meenemen naar huis als ik het niet eerst aangeraakt had. Bij keramiek is de huid erg belangrijk voor mij, zowel de ruwheid als de gladheid. En het contrast. Met je ogen dicht over een perfect glazuur glijden en dan op ruwe chamotte stoten aan de overgang, de korrels die door het glazuur steken en tenslotte terrein winnen.
Ook het doorleefde vind ik mooi. Je hoeft niet te verstoppen dat er wat gebeurd is, je moet het proberen te tonen op een manier dat het interessant wordt.
Ooit las ik dat keramiek de kunst van het beheersen van het materiaal is. Voor mij is dat zeker de oorsprong van mijn liefde voor het pottenbakken. Als keramist mocht ik al ondervinden dat klei zowel een zeer gewillige geliefde kan zijn om je te uiten, als een even grillige en wispelturige wanneer het gaat over het verwerken, en dan vooral afwerken van wat je maakt. Je hebt voor ogen wat je wil vertellen, in het beste geval (heb ik dan een visie?) en nu moet je de juiste middelen aanwenden om het te bereiken. Polieren? Glazuren? Opruwen? Schaduwen met oxides?
Wat bezielt de mens om zich te willen uiten, dingen te willen maken, zijn gedachten te visualiseren, te realiseren, te verantwoorden met een visie? Ik weet het antwoord niet, maar ik voel ook die drang. Misschien wil ik gewoon steeds groeien, steeds verder geraken, moeilijkere uitdagingen tot een goed einde brengen. En daar bewijs van leveren. Maar hoe?

Een aantal grotere meesters van de materie slagen erin raakpunten met mijn gevoelens en zoektochten te belichten.
Ter illustratie:
Carlos Carlé. Hmm, de man wil het verleden grijpen, de sporen zoeken wat iets heeft meegemaakt en doet dat op een mooie manier. Vind ik. Bovendien hangt aan dit werk nog een heel mooie persoonlijke herinnering vast. Nee, het werk heb ik alleen even vast gehad, de herinnering is een waardevol bezit...
Waarom vertrekken van een pretentieloze materie, het slijk van de aarde, om iets te gaan creëren? De materie, de aarde, ze komt in soorten en kleuren. 70 soorten heb ik in huis. 70 ja. Een witte klei uit Duitsland is niet hetzelfde als een andere witte, misschien ook opgegraven en verwerkt op Duits grondgebied. Evenveel chamotte? En toch, ze voelt anders, ze verwerkt anders, ze bakt anders en doet misschien ook iets anders met de oxides en glazuren die erop komen.
De samenstelling, van rode aardewerkklei tot zuiver witte porselein. Toen Fritz Rossmann hier was vond hij het echt opmerkelijk dat ik zo veel soorten porselein wilde verdelen. Tja, de ene klei is de andere niet, de ene mens is ook de andere niet. En ze doen er andere, totaal andere dingen mee.

Ter illustatie:
Leonardo Scacchi. In terra cotta beeldt hij de wereld om hem heen uit. Zonder extra afwerking, enkel het schaduwspel en de vormentaal van zijn werk suggereren wat je geest ervan maakt.



En daarnaast zo vele anderen die ieder op hun eigen manier met de aarde vertalen wat ze bedachten, hun eigen ver(t)(h)aaltjes.

Enkele mensen die heel consequent de aarde gebruiken om over (de) aarde te vertellen zijn o.a.:
Lia Koenen en het paar Johnny Rolf en Jan De Rooden.

Aarde, dé aarde, evenwicht, zwaartekracht... Er zijn nog vele manieren om bezig te zijn rond het thema.

Of erover te schrijven.

Ben ik nu bezig met het proberen te scoren?

Ik ga nog wat met de klei spelen. Eens kijken of ik kan scoren.

donderdag 16 april 2009

De roep van de klei en de schreeuw van het vuur...


Ben deze voormiddag op uitstap geweest met mijn zoon, Maxime, naar Marnic. De schreeuw achterna.

Als er een raku-demo wordt gehouden in De Koploper, zie ik ze komen, de mannen. De mannen die "hun vrouw volgen". Madame maakt potjes of beeldekes, meneer stookt. Typisch. Typisch? Is spelen met vuur typisch mannelijk? Dan schuilt er vast een behoorlijk stel mannelijk hormonen in mijn lijf!

La Borne in Frankrijk, een pottenbakkersdorp vergeven van de houtovens, heeft me enkele jaren geleden zo een brandend verliefde ziel bezorgd. Al moet ik eerlijkheidshalve wel toegeven dat ik er, na het eerste bezoek, een indigestie aan "pottekes, getekend door de vlam", aan overhield. Ze doen niet allemaal zo veel creatiefs met de magie van het vuur... De oven moet soms het werk afmaken, tot zelfs bijna overnemen. Maar mensen zoals Isabelle Pammachuis en Hervé Rousseau of Isabelle Coeur en David Whitehead of Charlotte Poulsen of nog zo vele andere keramisten met talent, slagen erin eigen zaken te doen die het hout stoken enkel als meerwaarde hebben. Meer dan eens keerde ik terug, met echtgenoot, met mijn drie mannen, nog een bezoekje bij Linard en iedereen verrukt...

Thuis bleef het vuur maar branden, iedere gevulde oven deed me dromen. Ik stook elektrisch en af en toe kan je het lot wat tarten, de receptjes aanpassen en iets meer "vuur" aan je werk toevoegen, maar het blijft een externe hittebron die de chemie zijn werk laat doen, maar ook niet meer dan dat. Het vraagt veel creativiteit om iets te bereiken wat een ander niet heeft.

Een gasoven, daarmee kan je ten gepaste tijden reduceren, ingrijpen op de fysieke structuur en chemische samenstelling van klei en glazuur. De houtoven, dat is helemaal het summum op dat vlak.

Bij deze beide stookmethoden is er een wezenlijk verschil met elektrisch stoken. De vlam, in je ovenruimte aanwezig, kan je gedeeltelijk de toevoer van zuurstof ontzeggen, waardoor deze zelf op zoek gaat naar instabiele verbindingen. Twijfelend zoekend, maar zelfzeker eens gevonden, stort ze zich onverbiddelijk op het slachtoffer. Haar tong likt vragend langs de huid, dringt aan, tot glazuur of klei zich vol overgave aan haar geven. Ze is dominant, maar ook speels en ver(r)assend gul, die vlam.

Tja, ik begrijp een beetje waarom het de mannen aanspreekt...

Ik wil helemaal geen houtoven voor mezelf, dat hoeft niet, maar af en toe mee mogen proeven, dat wel.

Een paar jaar geleden moest ik een verdwaalde zending op gaan halen in het verre Geraardsbergen, bij een zekere Marnic De Lange. Amper binnen troonde de man mij mee, atelier door, deur open en... Ik stond neus aan neus met de vuurspuwende draak, het vurig monster. Trots vertelde hij me alles over zijn anagama noborigama hybride-oven. Het leek Chinees voor mij. Dat was het niet, het is namelijk Japans, een Japanse houtoven.

Waarschijnlijk zag hij het vuur meteen in mijn ogen branden, want hij nodigde me op slag uit mee te stoken in de zomer. Ik draaide vlug enkele potjes en nam deel aan het gebeuren.


Het is niet goedkoop allemaal. Oven bouwen met dure stenen, dak erboven, isoleren, een dosis hout waarmee je een volwassen living een jaar lang doorheen een strenge winter én koud voor- én koud najaar loodst... Maar wat je ervoor terug krijgt...

Wel, dat kan tegen vallen. En Marnic kan het weten! De oven geraakte niet aan zijn temperatuur, glazuren waren niet uitgesmolten, stapelingen bleken niet bestand, de oven eiste zijn deel aan gebroken stukken... Iemand zei me ooit smalend dat hij lijkt te stoken om te stoken, maar ik weet dat het niet waar is. Marnic houdt inderdaad van het "ultieme keramiekfeest" dat er omheen hangt, de sfeer met gasten die komen en gaan, gasten die accordeon spelen om het werk van de stokers te verzachten, de door Marleen (zijn toegewijde vrouw) goed gevulde tafel om de stokers te verwennen, de slapeloze nachten die het hele gebeuren omringen, een zatte kop en met rook gevulde longen... Precies, dat hoort er allemaal bij.

Alsook de verscheurende gevoelens als je ziet welke tol de oven eist, hoeveel werk in vlammen opgaat, scheurt, omvalt, breekt...

Maar, na enkele stookpogingen, veel denk- en sleutelwerk, was het deze keer een triomferende stook! Alle kegeltjes meer dan plat, ze hebben zelfs mooie glazuren verwekt.



O ja, uiteraard heeft de oven ook nu weer enkele magistrale werken van Marnic vernield. Maar, de vlammen hebben ook gegeven. Ik heb het allemaal mogen meemaken. Ik ben blij om deze ervaring.
Ik zet (morgen?) ook een diareeksje op de blog, dan kan je even luisteren, luisteren ja, naar de schreeuw van het vuur. Sssst... dan hoor je ook de roep van de klei.

vrijdag 20 maart 2009

Zelfbeklag...

Af en toe mag je jezelf laten gaan, vind ik. Dat doet een mens goed, jezelf eens flink wentelen in zelfbeklag, als een vers aardappelrolletje in eiwit en paneermeel. Kroketje afbakken, smullen, genieten en je kan er weer tegen!

Bij deze.
De draaicursus is voorbij, iedereen heeft weer nieuwe plannen, sommige zal ik terug zien bij de zomercursus, anderen gaan hun eigen weg, weer anderen zie ik volgend jaar terug om bij te leren en nog weer anderen verschijnen wel in een andere cursusje...

Maar ik zit nog wel met een paar souveniertjes. Er is nog een volle oven potjes biscuitbrand aan het afkoelen, er staan er nog enkele te drogen in de kelder en ik zit met dozen vol potjes die de deelnemers nog gaan komen glazuren in april. Die zal ik dus even een plaats moeten geven.
Er lukt veel te veel! Mensen, jullie hebben veel te hard gewerkt!

En...
Er staan nog 3 emmers, grote volle emmers kleislib om te recupereren!
Omdat ik regelmatig de vraag krijg hoe ik dat allemaal terug verwerk: info. Als je op deze link klikt, kom je op een andere info-blog terecht die een beetje gereserveerd is voor het serieuzere, informatieve verhaal. Hier kan je af en toe een berichtje over een kleisoort, een techniek of zoiets vinden. Ik doe mijn best om de zaken wat gescheiden te houden, maar, nu ik toch aan wat zelfbeklag toe ben, 't is niet altijd gemakkelijk.

Als je echter bijvoorbeeld alles op deze blog wil lezen wat er over de cursus pottenbakken is verschenen, dan kan je onderaan het artikel op het label pottenbakken klikken en dan worden ze allemaal netjes onder elkaar gezet.
Daar heb ik ook aan gewerkt en tijd in gestoken... (het zelfbeklag voeden...)

maandag 19 januari 2009

Keramiekbenodigdheden en pottenbakken...

Zonder nu meteen etymologie of semantiek te gaan bedrijven, wil ik vandaag toch eens stilstaan bij deze 2 woorden. De Gouden Gids schrijft ceramiek met een c, maar Google suggereert bij deze zoekterm dan beleefd: bedoelde u: "keramiek"? Keramiek, het is voor velen toch een beetje vaag. In De Koploper krijg ik soms de vraag of dit nu "echte" keramiek is en "hoe het zit met porselein?" Bij de aanvang van mijn opleiding in Syntra West in Brugge, stond in het eerste hoofdstuk dat keramiek uit het Grieks komt en gebakken klei betekent en in Wikipedia zou dat woord de vertaling van "een drinkvat, meestal uit gebakken klei vervaardigd", zijn. Hoe het ook moge zijn, men kan ervan uitgaan dat er hier en nu gebakken klei mee wordt bedoeld en dan valt porselein daar ook meteen onder.
Maar wat dan met keramiekbenodigdheden? Op zich al een heel ongewoon woord want als de klei gebakken is, dan heb je niet te veel meer nodig, alleen een meubel om het stuk in of op te zetten. En dat bedoelt men hiermee toch niet?!
Wat toegeeflijker zijn dan, misschien zijn die benodigdheden bedoeld om de keramiek te maken, kortom om met klei te werken, klei te bewerken, klei te bakken... Kleibenodigdheden?
Laatst belde er iemand om mij te vragen of ik ook groene klei verkocht. "Ja", antwoordde ik wat aarzelend, want ik kreeg niet echt meteen de indruk dat deze man op zoek was naar de specialiteit van gekleurde kleisoorten die groen, roze of blauw uit de oven komen. Inderdaad, deze persoon wou medicinale groen klei om gezonder en mooier van te worden...
Het blijft moeilijk te omschrijven wat De Koploper verkoopt. "Alles voor de pottenbakker en de keramist" heb ik erbij gezet, om die klip te omzeilen.

Maar dat gezonder en mooier worden? Als het even wat minder gaat in je dagelijkse leven, als je de stress wil verlagen, als je plots veel vrije tijd of energie hebt, als je midlife-crisis je alle kanten van de kamer laat zien of gewoon, als je eens iets anders wil proberen, dan zou je kunnen beslissen dat klei een goed wapen is om al die kwalen te lijf te gaan. En nu bedoel ik geen medicinale groene klei, maar de "gewone".

Sinds ik hier in West-Vlaanderen gestrand ben, heb ik me voorgenomen mij niet toe te leggen op het plaatselijke dialect, deels omdat het onbegonnen werk is met mijn tongval, deels omdat ik er gewoon te lui (hier is dat: "te leeg", prachtig toch?!) voor ben. Maar in deze business moet ik toch toegeven dat ik het Westvlaamse "klitte" verkies boven het Antwerpse "klaai"... Het klinkt alvast veel verfijnder, veel hipper en een beetje properder. En ook bij "moosn en brieln" stel ik mij heel andere dingen voor dan bij "prutse en knoeje".
En nu dwalen mijn gedachten onmiddellijk af naar de eerste lessen pottenbakken die net begonnen zijn. De dames kwamen toe, luisterden braaf, zij het lichtjes ongeduldig en vol verwachting naar de inleidende woorden die de klei-goeroe over hen heen goot. Kwam die daarna nog met de ritus van het kneden af, terwijl hun ogen pas begonnen te blinken bij de demo. Je zag ze denken: "Dat kán toch niet zo moeilijk zijn, het ziet er zo simpel uit?"

Plichtbewust togen ze daarna naar de gipsblokken om hun klei luchtvrij soepel te kneden. Vooral de hoop dat die dan ook gewillig zou worden, gaf de doorslag. Met een flinke knal het handjevol geknede klei op de schijf en een duik in het water. En dan... blijkt dat het toch allemaal niet zo eenvoudig is.



Om nog maar eens op de woordenschat terug te komen: pottenbakken? Dat bakken is waarschijnlijk het meest eenvoudige van het procédé, de biscuitbrand toch zeker. Maar vooraleer dat potje in de oven staat? Wat daar allemaal niet aan vooraf gaat? Kneden, centreren, optrekken, randjes bijsnijden, vormen, schrapen, lossnijden, van de schijf halen, afdraaien en ten slotte opgelucht en een beetje trots markeren... De dames weten er ondertussen alles van!

Soms denk ik dat het Engelse "throwing a pot" veel dichter het beeld benadert dat ik hier wekelijks mag aanschouwen. Ideaal om zich eens flink te laten gaan. Het zal ook minder frusterend werken dan potten-bakken, daar ben je dus zo vlug nog niet aan toe. De Franstaligen, die zijn veel voorzichtiger: "tourner, faire de la poterie", het laat veel interpretatie toe.

Als je erover begint na te denken zou je snel een taalfylosoof worden bij deze verschillende benaderingen. In het Engels zit je bij de basis, de initiële handelingen, voor iedereen toegankelijk, in het Frans pakken we de koe bij de horens en gaan draaien, "poterie" maken, al weten we nog niet precies wat het zal worden en de nuchtere Nederlandstalige of Vlaming, die denkt alleen maar aan het resultaat, de beloning, het bakken.

Ik ben benieuwd hoe de dames er morgen over zullen denken, bij les drie van de reeks...


maandag 24 november 2008

Informatie

Even vermelden dat je op onderstaande link info kan vinden over volgende onderwerpen:
  • Wat is draaiklei en welke soorten kan je kopen in De Koploper?
  • Nieuw artikel om te decoreren: de MULTIPEN.
  • Wat zijn kleurmengsels en body stains? Gebruik en toepassingen.
  • Japans introductiefilmpje van de Shimpo RK-5T
  • Link naar de informatieve raku-site van Het Kleihuis, leverancier van de raku-ovens die je bij De Koploper kan vinden.

http://dekoploperklei.blogspot.com/