woensdag 29 december 2010

De Klei Natie.

Het is zo ver, we zijn begonnen met de verhuis! En waar konden we in dit geval beter beginnen dan in de kelder? Precies, nergens, want in de kelder ligt, of beter lag, het grootste deel van de enorme klei-schat die De Koploper rijk is...
Gelukkig had mijn IT-verantwoordelijke (= de ontwerper van mijn site) net blokperiode en dat betekent voor hem geen les bijwonen en blijkbaar nood aan wat fysieke inspanning als ontspanning en alzo stelde hij voor de Technische Dienst (=mijn zoons) wat te komen versterken. Vele jonge sterke handen maken het zware labeur wat lichter en met dit jonge geweld aan het werk, vloog al snel de klei uit de grond, langs de weg waar hij er voordien in was geschoven: langs het keldergat van de voormalige kolenkelder van nummer 24.

Maandagnamiddag werd afgesproken voor de eerste sessie verhuis. De voormiddag daar begin ik niet meer aan bij mijn zoons want in de vakantie is dat een uiterst enerverende opdracht om ze uit bed te halen voor 11 uur... Bovendien hadden die van Maintenance en Planning (eh, mijn wederhelft en ikke) dan wat tijd om de zaak goed voor te bereiden... Klei per soort houden en in de nieuwe DK op palletten leggen, tijdelijk tot de rekken geïnstalleerd zouden zijn.

Aanvankelijk werd er nog wel hier en daar even geslipt over het sneeuwtapijt in onze straat, maar na enkele ritjes ging het steeds vlotter. Ondertussen zijn er al enkel tonnen klei op stap mogen gaan en is er gelukkig gedooid. Ex-liefje van de jongste daagt ook op, komt mee muren schuren en wit verflaagje leggen, sympathiek van het lieve meiske. Morgen worden ook de eerste rekken verplaatst en waarschijnlijk opnieuw gevuld.


In mijn leven heb ik al enkele mooie dromen gehad en sommige ervan zijn nog werkelijkheid geworden ook. Eén van die dromen was mijn eigen Klei Natie. Als kind woonde ik aan de rand van Antwerpen en als we naar 't Stad trokken, passeerden we altijd de Katoen Natie. Het is eigenlijk pas zeer recentelijk dat ik te weten ben gekomen dat die Katoen Natie geen gigantische opslagplaats had voor katoen en zelfs niet uniek logistiek voor die nijverheid verzorgde. Maar als kind zag ik de bergen katoenbolletjes en bollen garen doorheen de gevel van het statige gebouw waar we om de hoek draaiden om de Leien op te rijden. Ik had eens gevraagd wat een Natie was en toen bleek dat het zoiets als een land was, kon niks mijn Alice-in-Wonderland-fantasieën nog remmen! Katoen was mijn favoriete stof en zo'n land vol ervan, dat moest wel heel dicht bij de Hemel komen.
Nu weeral behoorlijk wat jaren terug begon ik een andere droom uit te werken en maakte van een aantal van mijn hobby's mijn werk bij de geboorte van De Koploper. Het was mijn derde kindje dat ook al snel tot een flinke zelfstandige zoon zou uitgroeien. Hij vraagt nog steeds veel zorg en liefde, maar ik geef het hem allemaal heel graag!


Het laatste jaar bleek steeds meer dat, met het oog op de toekomst, er een aantal ingrepen nodig waren. Eén ervan was de winkelruimte uitbreiden, zodat de klanten zonder mijn tussenkomst zelf konden ontdekken in welke keramische grot van Ali Baba ze terecht gekomen waren. Bescheidenheid daar doe ik nu even niet aan, trots als ik ben op mijn mooie verzameling klei- en porseleinsoorten. Ook bij voorbeeld voor de glazuren, zoals van Duncan, moet ik ingrijpen omdat alles weg steekt. Als ik het ene nieuwe product binnen breng is er al gauw geen plaats meer voor een ander... En ik wil zo graag alle mogelijke afwerkingen tonen zodat iedere keramist zijn persoonlijke toets kan ontwikkelen.
Meer klanten bedienen betekende minder tijd over en wat niet zichtbaar was, bleek vaak onbekend en dus onbemind.

Gelukkig kwam er een oplossing. Straks zal De Koploper groter behuisd zijn en plaats hebben om de klanten rustig zelf op ontdekkingstocht te laten gaan. Maar nu even niet. Even nog niet. Het is hier alles behalve rustig, het gonst van de bedrijvigheid. En heel even heb ik mijn Klei Natie: overal verspreid ligt klei, de hele vloer vol!

Ik wandel door mijn dromen, niet op hoge hakken (cfr. Stef Bos), maar in warme laarzen. Ik draai rond een pallet en denk aan de klant die hier zulke mooie beelden van weet te maken. Ik knipoog naar de African Stone die zoveel harten sneller doet slaan... Toom even de Grès Sauvage in, hij moet nog wat wachten tot er weer handen door zijn aarde gaan woelen, schik de vlasporselein die ongeduldig van de stapel rolt en kleef een verpakking waar de klei van puur enthousiasme uit spat... Ik voel de neiging om even dankbaar een danspasje te maken terwijl ik zachtjes tegen de muziek van mijn jeugdige bende verhuizers in neurie.
Mijn Klei Natie, ik speel met de gedachte om die naam toch zijn wat verwaande bestaan te gunnen... Misschien even met de PR-verantwoordelijke en de Communication Manager overleggen? Morgen meeting over de lunch.

Geen opmerkingen: